Een beetje terug in de koers: Grégory Van Vlierberghe

Tom Vandenbussche

Grégory Van Vlierberghe (31) is (een beetje) terug als coureur. De naar Ruddervoorde uitgeweken Assebroeknaar was begin de jaren 2000 bij de betere juniores in onze provincie en nam dit jaar weer deel aan enkele wedstrijden. “Het is en blijf een hobby, maar ik vind het heel leuk hoe ik nu bezig ben.”

Van Vlierberghe debuteerde in 2001 als eerstejaarsnieuweling bij Reigerlo Beernem. Als junior behaalde hij veel toptienplaatsen en eindigde hij meerdere keren als tweede. “Mooie herinneringen houd ik eraan over. Als belofte heb ik nog even voor Lispanne De Haan gereden, maar daarna ben ik een hele tijd gestopt. In 2011 heb ik wel nog een seizoen bij de Brugse Velosport gekoerst en in mei 2017 ben ik opnieuw beginnen te fietsen. Eerst alleen, want ik kon bijna niets meer. Na een half uur zat ik er volledig door. Maar al vlug ging het beter en beter.”

Opmerkelijk: Van Vlierberghe kickt tegenwoordig vooral op langere afstanden, terwijl hij vroeger eerder een specialist van het kermiscircuit was. “Zo nam ik twee weken geleden nog deel aan de 200 km van Wetteren. Door het slechte weer werd de wedstrijd wel ingekort tot 135 km. Eind april reed ik in Oostende ook de eerste Epic 300. Ik werd onverwachts derde op 450 deelnemers. Ik had nooit verwacht dat ik na al die jaren zonder fiets nog zo goed zou rijden.”

“In mei 2017 ben ik opnieuw beginnen te fietsen. Eerst alleen, want ik kon bijna niets meer. Na een half uur zat ik er volledig door”

D D
D D© KRANT VAN WEST-VLAANDEREN

Mooie hobby

Momenteel varieert de mecanicien bij Transwest, die met zijn echtgenote Sophie Wynants en dochter Khloé (4) in het centrum van Ruddervoorde woont, tussen allerlei soorten wedstrijden. “Dit jaar heb ik ook al een paar keer bij de nevenbonden gekoerst. In Houthulst werd ik zevende. Het gemiddelde niveau is serieus gestegen in vergelijking met mijn vorige periode als wielrenner, ook bij de nevenbonden! Weet je, had ik als nieuweling en junior geweten wat ik nu weet van training, ik zou waarschijnlijk nog betere resultaten geboekt hebben. Ik doe er nu veel meer voor, ook al is het competitieve niet meer echt aanwezig. Maar dit is vooral een mooie hobby.”