We vloeken. We sakkeren. We zuchten eens diep als we weer maar eens in een file staan of een wegomlegging moeten volgen. Het kost wat van onze tijd al die wegenwerken. En we hebben er al zo weinig terwijl we van hot naar her hollen en ons prioriteitenlijstje almaar langer zien worden.

We staan echter nooit stil bij die mensen die aan de werken wonen of werken. Die te vroeg gewekt worden door bulldozers of graafmachines. De mensen die elke dag opnieuw hun huis moeten poetsen door het vele stof. De gezinnen die met overvolle boodschappentassen plassen en putten moeten trotseren. En die mensen hebben meer te vloeken op dat moment. Zeker de kleine handelszaken die door de werken hun klanten zien wegblijven, krijgen het hard te verduren.

Dan heb je de mensen zoals Ghislain. Zijn verhaal kroop deze week onder mijn vel. Hij heeft zijn hele leven gewroet en gewerkt. Zoals zoveel West-Vlamingen: een harde werker en nooit hoog van de toren blazen. Elke maand een centje opzij zetten voor zijn 'oude dag'. Genieten, maar met mate. Geen blingbling, wel deuredoen.

Ghislain...

Hij zag zijn zuurverdiende spaarcenten het voorbije anderhalf jaar in rook opgaan. Op zijn 59ste is zijn appeltje voor de dorst volledig verdwenen. Door die wegenwerken waar wij zo vaak op vloeken. Toch hebben we Ghislain nooit horen klagen of zagen. Hij bleef deuredoen. Als de klanten niet meer tot bij hem geraakten, trok hij zelf naar de markten met de planten die hij zelfs tot 's nachts toe in zijn eigen serre kweekt. Het bleek onmogelijk om het hoofd boven het water te blijven houden. En zelfs dan nog blijft hij deuredoen.

Tot er een journalist van ons bij hem aanklopte. Hij gunde zichzelf een pauze en deed zijn verhaal. De stoere façade brak, net als zijn stem. Bij het verhaal van Ghislain kan je niet onbewogen blijven. En als ik nog eens een plantje nodig heb, weet ik waar ik het zal kopen.