Joost Devriesere: “Ik ga zaken als euthanasie en pedofilie niet uit de weg”

© JVGK
Axel Vandenheede

Met ‘Pest’ ligt er opnieuw een roman van Kortrijkse makelij in de boekhandel. Voor auteur Joost Devriesere is het meteen zijn debuut in dit genre. “Wat ik ervan verwacht? Dat de mensen het boek graag zullen lezen, ook al komen in de reeks verhalen en zaken aan bod waarover zij misschien niet willen lezen. In elk geval ben ik blij dat het boek er is. Zo kom ik een belofte na die ik aan mijn vaders sterfbed maakte.”

Anderhalf jaar geleden kwam het eerste boek van Joost Devriesere uit: samen met zijn vriendin Jessica Dobbelaere had hij ‘Vluchten hoeft niet meer’ geschreven. “We zijn toen met vluchtelingen gaan praten en hebben hun ervaringen neergepend. Dat was niet altijd even gemakkelijk, ik ben soms serieus geschrokken van wat ze vertelden. Ik ben toen ook een tijdje buddy geweest van een vluchteling die in Kortrijk was beland.”

Als auteur van ‘Vluchten hoeft niet meer’ stond je met beide voeten in de realiteit. Hoe reëel is ‘Pest’?

“Het is een roman, wat betekent dat je als auteur doet wat je wilt. Laat ik zeggen dat in elk verhaal het boek bestaat uit een resem verhalen die alle draaien rond mensen die in slaap vallen een bepaalde waarheid schuilt. Ik heb er veel van mezelf in gestoken, maar ik heb alles wel fors opgeblazen.”

Verwijst de titel naar een periode waarin je zelf gepest werd?

“Pest is de naam van een rustig, doods provinciestadje. Misschien lijkt het wel op mijn thuisstad… De meeste mensen vallen in slaap en diegenen die wakker blijven, gaan daar op verschillende manieren mee om. De ene neemt wraak, de andere wil op een naïeve manier goed doen, nog iemand anders gaat gewoon door met zijn leven…”

Ben je tevreden over het eindresultaat? Had je dit boek voor ogen toen je de eerste woorden typte?

“Om eerlijk te zijn heb ik eerst 200 pagina’s weggegooid: ik was namelijk al een tijdje bezig met een roman toen Jessica en ik ons engageerden om ‘Vluchten hoeft niet meer’ te schrijven. Daarna was het mijn bedoeling om een echte horrorroman uit te geven, maar dat bleek moeilijk. Zo heb ik het roer omgegooid en daar ben ik heel blij om. Het gaat om gewone mensen.”

“Mensen kunnen om veel lachen, maar niet als het over hun favoriete voetbalploeg gaat”

Al is het lang geen ‘gewoon’ boek geworden… Sommigen catalogeren de verhalen als horror.

“Het is geen pure horror. Ik omschrijf het eerder als een boek met naargeestige verhalen. Unheimlich, zeggen de Duitsers. Ik ga ook onderwerpen als pedofilie en euthanasie niet uit de weg. Over zulke dingen willen mensen misschien niet lezen, maar ik hoop dat ze zich toch aan mijn boek zullen wagen. Omdat ik taboe-onderwerpen ter sprake breng in ‘Pest’, heb ik me bij bepaalde passages door experten laten begeleiden. Ik wilde daarover waarheidsgetrouw schrijven.”

Horror, naargeestigheid… Je lijkt er wel van te houden?

“Ik ben eigenlijk wel een horrorfanaat. Op mijn 12, 13 jaar heb ik de boeken van Stephen King ontdekt, daarna kwam Clive Barker. Bij hen ben ik blijven hangen.”

Wat de verhalen ook echt maken zijn de vele verwijzingen naar films en muziek?

“In het boek omschrijf ik een aantal liedjes. Maar het is aan de lezer om uit te zoeken waarover ik het heb. Ikzelf ben opgegroeid met muziek, met de cassetjes en platen van mijn grote broers. Zij leerden me Pink Floyd kennen. Later ben ik fan geworden van metal, al kan ook klassieke muziek me enorm bekoren.”

Metal ligt je wel na aan het hart, want je startte bij Quindo het metalprogramma ‘Tinnitus’ op.

“Dat klopt. Intussen ben ik daar al een tijd mee gestopt. Van het moment eigenlijk dat ik een boek begon te schrijven. Ik kon beide niet combineren en omdat de honger om te schrijven groter was, nam ik die beslissing. Afscheid nemen was enerzijds zwaar, want ‘Tinnitus’ (betekent oorsuizen, red.) is mijn geesteskind. Anderzijds was duidelijk dat ik het programma in goede handen achterliet, wat me geruststelde.”

Joost Devriesere:
© JVGK

‘Tinnitus’ is niet het enige geesteskind waarvan je de afgelopen jaren afscheid nam. Er was bijvoorbeeld ook de satirische website Kortrijk Scheef Bekeken?

“Mijn boek ‘Pest’ is ook een satire. Het heeft dus een zeker KSB-gehalte, alleen worden er geen moppen in gemaakt. Of toch geen grappen die voor de hand liggen. Maar iemand die het boek leest, zal tussen de lijnen door wel een en ander opmerken…”

Je stopte een aantal jaar geleden met deze satirische blog. Maar… De verkiezingen komen eraan.

(lachje) “Het begint wel een beetje te kriebelen, want er is zoveel te vertellen. Maar ik laat die kelk aan mij voorbijgaan. Wel zou ik toejuichen dat iemand anders met iets gelijkaardigs start.”

Na Kortrijk Scheef Bekeken volgden nog enkele andere satirische blogs, maar die hadden minder succes?

“Ik heb een tijdje de blog Prozak gehad. Door tijdsgebrek en omdat het deontologisch moeilijk te rijmen viel met mijn werk in de media heb ik die laten schieten. De satirische voetbalblog De Schwalbe had potentieel, maar ik ben er vroegtijdig mee gestopt. Mensen kunnen om veel lachen, maar niet als het over hun favoriete voetbalploeg gaat. Toen ik op een bepaald moment werd bedreigd, heb ik er de stekker uit getrokken.”

Je zegt zelf dat je amper buiten komt. Mag ik je als huismus omschrijven?

“Zeker, want ik ben ongelooflijk graag thuis. Het enige wat ik nodig heb, zijn nicotine, koffie en mijn lief. Dan ben ik tevreden. Al moet ik daaraan toevoegen dat ik ook om gezondheidsredenen niet vaak meer buiten kom.”

Hoezo?

“Ik lijd aan de zeldzame auto-immuunziekte CIDP, wat staat voor chronische inflammatoire demyeliniserende polyneuropathie. In België zijn er zowat 200 gevallen bekend. De ziekte zorgt ervoor dat je eigen lichaam de isolerende omhulsels van de zenuwen in je armen en benen aanvalt en beschadigt. Daardoor kunnen de zenuwen de signalen van de hersenen naar de spieren en vanuit de huid naar de hersenen niet meer goed doorgeven en treden er verlammingsverschijnselen op.”

Hoe pijnlijk is dat?

“Gelukkig heb ik geen pijn. Wel moet ik elke maand aan het infuus hangen, zodat die omhulsels enigszins kunnen herstellen. Ik sukkel nu al een tijdje met deze ziekte en mijn linkerbeen is als het ware verloren. Als ik een goede dag heb, kan ik wel een paar honderd meter stappen met behulp van mijn wandelstok. Maar op slechte dagen raak ik amper vooruit. Toch probeer ik positief te blijven. Ik kan werken en mijn eigen leven leiden. (korte stilte) Mijn lief zegt me wel eens dat ik een zondagskind ben: hoeveel miserie ik ook meemaak, ik sla me er altijd door, vind altijd wel ergens een gaatje. Dat is niet iedereen gegeven.”

“Mijn lief zegt me wel eens dat ik een zondagskind ben: hoeveel miserie ik ook meemaak, ik sla me er altijd door”

Je zegt dat deze auto-immuunziekte zijn weerslag heeft op benen, maar ook op armen. Ben je niet bang dat je op den duur je handen, hét werkinstrument van een schrijver, niet meer zal kunnen gebruiken?

“Ik heb een tijdje last gehad van bibberende handen en heb toen zelfs spraaktechnologie op mijn computer geïnstalleerd. Sinds ik naar een andere dokter ga, heb ik minder last van de bibber.”

Fysiek is die ziekte zwaar om dragen. Hoe ga je er op mentaal vlak mee om?

“Goed eigenlijk. Wellicht omdat ik me nu een hele tijd gefocust heb op ‘Pest’. Misschien krijg ik straks wel de rekening gepresenteerd en val ik in een zwart gat. Heel lang ben ik opgestaan met het boek en ging ik er ook mee slapen. Zelfs ‘s nachts maalden de verhalen door mijn hoofd. (korte stilte) Ik ben blij dat het boek af is, maar het is ook moeilijk om het los te laten. Ik heb lang de verhalen bijgeschaafd, maar op een bepaald moment stopt het.”

Veel auteurs omschrijven hun eerste boek als een kinderdroom die uitgekomen is. Geldt dat ook voor jou?

“Het is zeker een kinderdroom. Maar tegelijkertijd kom ik zo een belofte na die ik aan het sterfbed van mijn vader maakte: een boek schrijven. Ik hoop alvast dat de lezers het achteraf zullen hebben over een spannend en vlot geschreven roman die ze graag gelezen hebben.”

Tot slot: deze interviewreeks heet Leiegesprekken. Wat is jouw band met de Leie?

“Het is eeuwenlang een soort levensader van de stad geweest en misschien wordt dat binnenkort opnieuw zo. Ik kijk reikhalzend uit naar de verlaging van de Leieboorden bij de Broeltorens. Die zou de buurt, en dan vooral het Buda-eiland, een geheel nieuw elan kunnen geven.”

Joost Devriesere is 45 jaar en woont al zijn hele leven in Kortrijk. Hij is samen met Jessica Dobbelaere. Volgde in het middelbaar les aan het Don Boscocollege in Kortrijk. Ging in 1992 aan de slag bij Roularta Media Group als corrector. Werkte daarna een aantal jaar als copywriter bij Focus Advertising. Is sinds 2008 freelance bezig als journalist, eindredacteur en auteur. Hij schrijft voor Knack Focus en is ook eindredacteur van dat blad. “Hobby’s? Film, muziek en lezen.”

Reizen

“Reizen heeft me lang niets gezegd, maar nu ik minder mobiel ben en het dus niet meer kan, heb ik er hoe langer hoe meer zin in. Ik ben een paar keer naar Egypte gereisd, maar meer dan uitpufvakanties waren dat niet. Met een boek aan het zwembad liggen, zulke dingen. Tegenwoordig trek ik met mijn vriendin graag naar Nederland. Maastricht, Amsterdam, Zeeland: het is niet ver en ik wil die mensen steunen nu ze weer een groot voetbaltornooi moeten missen. In de andere richting amuseer ik me aan de Opaalkust en in Rijsel.”

Shoppen

“Het is waarschijnlijk als vloeken in de kerk, maar ik ben een van diegenen die K in Kortrijk links laat liggen en naar het Ring Shopping Center trekt. Een bovengrondse parking, gratis bovendien, en ik sta er sneller dan in het centrum van Kortrijk. De mooiste zaak in de stad ligt voor de hand: Boekenhuis Theoria. Prachtig hoe de eigenaars dat gebouw een nieuwe bestemming hebben gegeven.”

Mooie plekjes

“Pas onlangs ontdekt: de Rozentuin op het Hoge, een stukje aards paradijs langs de Doornikserijksweg. Vroeger hing ik graag rond op de Vlasmarkt. Ooit was dat de broedplaats van muzikanten en kunstenaars, maar nu biedt het pleintje, behalve in de zomermaanden, een troosteloze aanblik. Met dank aan bouwpromotoren en politieke beloftes die niet werden ingelost. Zelfs Gainsbar, een biercafé dat bekend is tot in de VS, sluit. Jammer. Dan ga ik voortaan maar een koffie drinken op het grootste terras in het centrum, dat van Pand.a.”

Reizen

“Reizen heeft me lang niets gezegd, maar nu ik minder mobiel ben en het dus niet meer kan, heb ik er hoe langer hoe meer zin in. Ik ben een paar keer naar Egypte gereisd, maar meer dan uitpufvakanties waren dat niet. Met een boek aan het zwembad liggen, zulke dingen. Tegenwoordig trek ik met mijn vriendin graag naar Nederland. Maastricht, Amsterdam, Zeeland: het is niet ver en ik wil die mensen steunen nu ze weer een groot voetbaltornooi moeten missen. In de andere richting amuseer ik me aan de Opaalkust en in Rijsel.”

Shoppen

“Het is waarschijnlijk als vloeken in de kerk, maar ik ben een van diegenen die K in Kortrijk links laat liggen en naar het Ring Shopping Center trekt. Een bovengrondse parking, gratis bovendien, en ik sta er sneller dan in het centrum van Kortrijk. De mooiste zaak in de stad ligt voor de hand: Boekenhuis Theoria. Prachtig hoe de eigenaars dat gebouw een nieuwe bestemming hebben gegeven.”

Lekker eten

“Ik vind koken tijdverlies, ik heb er ook geen talent voor. Op dagen dat ik geen beschuiten, pizza of penne met kant-en-klare saus eet, ga ik voor de betere bistro. Kaffee Damast, bijvoorbeeld, met zijn Vlaskaaskroketten en karnemelkstampers, een gerecht dat vaak op het menu stond toen ik nog bij mijn ouders woonde. Mijn grootste culinaire steun en toeverlaat is echter Christel van frituur Groeninghe, een intrigerende vrouw. Mijn bestelling kent ze uit het hoofd: een grote met mayonaise in een puntzak, geserveerd met een knipoog.”

Mooie plekjes

“Pas onlangs ontdekt: de Rozentuin op het Hoge, een stukje aards paradijs langs de Doornikserijksweg. Vroeger hing ik graag rond op de Vlasmarkt. Ooit was dat de broedplaats van muzikanten en kunstenaars, maar nu biedt het pleintje, behalve in de zomermaanden, een troosteloze aanblik. Met dank aan bouwpromotoren en politieke beloftes die niet werden ingelost. Zelfs Gainsbar, een biercafé dat bekend is tot in de VS, sluit. Jammer. Dan ga ik voortaan maar een koffie drinken op het grootste terras in het centrum, dat van Pand.a.”

Reizen

“Reizen heeft me lang niets gezegd, maar nu ik minder mobiel ben en het dus niet meer kan, heb ik er hoe langer hoe meer zin in. Ik ben een paar keer naar Egypte gereisd, maar meer dan uitpufvakanties waren dat niet. Met een boek aan het zwembad liggen, zulke dingen. Tegenwoordig trek ik met mijn vriendin graag naar Nederland. Maastricht, Amsterdam, Zeeland: het is niet ver en ik wil die mensen steunen nu ze weer een groot voetbaltornooi moeten missen. In de andere richting amuseer ik me aan de Opaalkust en in Rijsel.”

Shoppen

“Het is waarschijnlijk als vloeken in de kerk, maar ik ben een van diegenen die K in Kortrijk links laat liggen en naar het Ring Shopping Center trekt. Een bovengrondse parking, gratis bovendien, en ik sta er sneller dan in het centrum van Kortrijk. De mooiste zaak in de stad ligt voor de hand: Boekenhuis Theoria. Prachtig hoe de eigenaars dat gebouw een nieuwe bestemming hebben gegeven.”