Enkele jaren geleden snoeide de organisatie in de grootte van het festival, om terug te keren naar de basis van het festival. Die formule sloeg aan en werd de jongste jaren steeds verbeterd. Leffingeleuren is een echt belevingsfestival geworden met tientallen foodtrucks, randanimatie en gratis optredens.

"Er is nog altijd een betalend gedeelte. We mikken op 1.000 betalende bezoekers, maar een veelvoud van dat aantal komt voor de beleving in het dorp", aldus Lode Pauwels.

"We zijn wel trouw gebleven aan de formule. Enkele grote namen, afgewisseld met jong talent en nationale bands. Enerzijds hebben we die nodig voor de verkoop, maar anderzijds is het leuk om na een hele dag ontdekken met iedereen samen te komen en te genieten van liedjes en bands die bij iedereen in goed in het gehoor liggen", aldus Pauwels. Op vrijdag moet A Place to bury Strangers iedereen samenbrengen, op zaterdag Equal Idiots, Flying Horseman en Portland en op zondag de Oostendenaars van The Van Jets. Voor het eerst wordt ook de kerk ingepalmd met Duyster.live, waarmee het festival een vervolg breit aan het geschrapte radioprogramma van Ayco Duyster.

En er is ook kunst. Naast de kerk torent een monumentaal werk van Johan Opstaele boven het terrein uit. Het werk Black Meets White toont hoe er vanuit polarisering ook iets kan geconstrueerd worden. "We knopen aan met een oude traditie die wat verloren was gegaan, namelijk een monumentaal werk tegenover clubhuis De Zwerver. Dat fungeert als blikvanger, maar ook als ontmoetingspunt", aldus Pauwels.

Het kunstwerk verhuist na het festival naar kunsthuis Verbeke Foundation in Kemzeke.

(Belga)