Hoe lang kunnen we overstromingen nog omschrijven als natuurrampen?

De schade in overstroomde gebieden loopt jaar na jaar op. © BELGA
Peter Bossu
Peter Bossu Milieuactivist uit Diksmuide

Het was deze maand al weer prijs: hevige regenval en op ontelbare plaatsen in Vlaanderen stonden straten, hele wijken en zelfs dorpskernen onder water. Wat vroeger een uitzondering was, is stilaan maar zeker een jaarlijks terugkerend fenomeen.

De reactie van de meeste politici is altijd dezelfde: men staat elkaar te verdringen en om ter hardst te roepen dat de regen heel uitzonderlijk was en moet erkend worden als natuurramp. Diverse diensten zwaaien dan weer met plannen voor nog meer en nog duurdere wachtbekkens. Wie de gehele discussie vanuit een bredere hoek bekijkt, staat versteld hoe blind en doof veel van die beleidsmakers zijn voor de echte oorzaken van al die waterellende.

Geen natuurlijke sponzen meer

In de gouden jaren na de Tweede Wereldoorlog dacht de mens alles in de natuur naar zijn hand te kunnen zetten. In de geest van die tijd werden immense oppervlaktes aan moerassen, beek- en riviervalleien en meersen of vochtige graslanden in de nabijheid van waterlopen opgevoerd, bebouwd met huizen of industrie of beboerd met maïs en bloemkolen. Waar van oudsher tijdens periodes van hevige regenval het overtollige water in de beekvalleien of de weilanden kon lopen, kon het water nu geen kant meer op.

De echte oorzaak van al die schade ligt in het bouw- en verkavelingsbeleid van de voorbije 50 jaar: bouwen in de natuurlijke overstromingsgebieden, inkokeren van waterlopen, gemengde rioolstelsels en een een zo snel mogelijke afvoer van het water in de intensieve akker- en tuinbouwregio’s. Waar het water vroeger een paar dagen nodig had om van punt A naar punt B te lopen en extra ruimte vond in de valleien en graslanden langs de waterlopen, zit het nu gekneld in buizen en staat in een paar uur bij punt B. Helaas is bij hevige regenval en bij gebrek aan natuurlijke overstromingszones in bijvoorbeeld grasland, punt B nu vaak een straat, een wijk, een industrieterrein of zelfs een complete dorpskern.

Hoe lang nog ‘natuurramp’?

Als men vaststelt dat er – al dan niet door de klimaatverandering – frequenter extreme regenval is en er één en soms twee keer per jaar in pakken dorpen en wijken grote waterschade is, hoe lang kan men blijven zeggen dat dit uitzonderlijk is en het erkennen als een natuurramp? Verzekeringsmaatschappijen zijn geen onuitputtelijke bron van middelen en zullen vroeg of laat de voorwaarden voor uitkeringen door waterschade drastisch aanpassen en de polissen sterk verhogen. Die dag komt er hoe dan ook aan en zal zware gevolgen hebben voor al wie om de zoveel tijd met waterschade geconfronteerd wordt.

In gemeenten als Lichtervelde werden de voorbije decennia grote delen van beekvalleien bebouwd.
In gemeenten als Lichtervelde werden de voorbije decennia grote delen van beekvalleien bebouwd.© BELGA

Er zijn in vele miljoenen euro geïnvesteerd in artificiële wachtbekkens en pompgemalen. Dat deze ingrepen samen met het beheer van vele waterlopen door het Provinciebestuur West-Vlaanderen op plaatsen schade voorkwamen en zeker beperkte, is zeker. De jongste weken konden deze wachtbekkens in onder meer Menen en Lichtervelde echter weer niet voorkomen dat er straten en huizen onder liepen.

De beleidsmakers moeten het dus ook anders en breder durven bekijken en voorkomen dat water nog minder ruimte krijgt en waar mogelijk die bergingsfunctie, die waterruimte hersteld kan worden.

Het moet absoluut verboden worden om nog in een buffergebied van een waterloop te bouwen of te storten.

In gemeenten als Lichtervelde waar grote delen van belangrijke beekvalleien opgevoerd en zelfs bebouwd werden moet een herstelplan voor de beekvalleien opgestart worden. Ieder hectare beekvallei die terug natuurlijk kan onder water lopen is in staat om duizenden liter water te bergen dat niet in de straten en de huizen loopt.

Veel geld, veel moed

Dat gaat geld kosten‘, hoor ik al veel beleidsmakers denken. Ja, veel geld en veel moed. De bufferbekkens en pompen en het vergoeden van de schade kosten evenwel ook miljoenen en ondanks alles blijft de schade maar komen en wordt op tal van plaatsen zelfs groter met het jaar.

We kunnen niet in een handomdraai de foute beslissingen van vele jaren terug schroeven. De situatie is gegroeid over verschillende decennia en overstijgt partijgrenzen en belangengroepen. Geen enkel beleidsmakers mag zich echter nog verstoppen achter beweringen als die van een uitzonderlijke situatie en dat alles met wat meer dure wachtbekkens op te lossen is. Neen! Het beleid moet oog durven hebben voor de echte oorzaken en water weer meer ruimte geven waar het eeuwenlang ruimte kreeg: langs de beken, in de meersen en andere natuurlijk overstroombare graslanden.

Deze oorzaken en deze uitdagingen niet onder ogen durven en willen zien, zal de situatie er niet beter op maken. Integendeel, met de natuurelementen en de kracht van natuurlijke processen te negeren wint men nooit.

(Peter Bossu)

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier