Johan Van De Casteele: "De eerste West-Vlamingen kwamen naar Gent om schoon geld te verdienen"

14/05/18 om 17:38 - Bijgewerkt op 15/05/18 om 11:21

Zoveel West-Vlamingen in Gent, dan kan het toch niet anders of vroeg of laat gaan die zich toch verenigen? Daar waren ze in Gent al van bij het begin achter en de streekgenoten zochten dan ook snel elkaars gezelschap op. Tot op vandaag trouwens. Alleen is de 'West-Vlaamse club' misschien niet meer bekend bij al die nieuwe West-Vlaamse Gentenaars van de voorbije jaren.

Johan Van De Casteele: "De eerste West-Vlamingen kwamen naar Gent om schoon geld te verdienen"

Johan Van De Casteele, al veertig jaar Gentenaar maar afkomstig uit Tielt, is ondervoorzitter van die West-Vlaamse club. "Dit soort vereniging had je vroeger in alle grote steden", vertelt hij. "Er is er bijvoorbeeld ook nog een in Antwerpen en ook in Dilbeek heb je nog een vrij actieve club. De West-Vlaamse club werd zo'n 35 jaar geleden opgericht."

"Robert Haeck uit Tielt was een van de oprichters", vertelt Johan. "Maar hij is een tijdje terug gestorven. Sowieso zijn er van de mensen van toen niet zo veel meer over."

Op het hoogtepunt telde de vereniging tussen de 200 en de 250 leden. Tegenwoordig zijn dat er nog een kleine dertig, maar de activiteitenkalender is daarom niet minder gevuld. "Gemiddeld één keer per maand is er een activiteit", legt Johan uit. "Met uitzondering van de zomermaanden. In januari vieren we Nieuwjaar, compleet met taart waar dan een boon in zit, en voorts zijn er ook bingo-avonden, bedrijfsbezoeken en verrassingsuitstappen. Die uitstappen gaan af en toe natuurlijk richting West-Vlaanderen, dit jaar bijvoorbeeld naar Heuvelland om er de oorlogsgeschiedenis in te duiken."

Delen

Haal in de grote steden alle West-Vlaamse beenhouwers en bakkers weg, en de mensen lijden honger

Zelf heeft Johan Van De Casteele zich alleszins altijd goed thuisgevoeld in Gent. "En ik heb er goed mijn brood verdiend", zegt Johan, die dat brood opmerkelijk genoeg in de vleesindustrie wist te verdienen. "Je had vroeger de straffe scholen, onder meer voor beenhouwers, in Brugge en Diksmuide en die stuurden beenhouwers uit naar het hele land. Ik heb het nog vaak gezegd in toespraken: haal in de grote steden alle West-Vlaamse beenhouwers en bakkers weg, en de mensen lijden honger."

En het bleef volgens Johan niet beperkt tot de voedingsindustrie. "De West-Vlamingen waren en zijn harde werkers en dat wisten ze ook vroeger maar al te goed," vertelt hij. "De oudste generatie van West-Vlamingen in Gent, dat waren mensen uit onder meer Aarsele, Tielt en Ieper. Die mensen kwamen naar hier om schoon geld te verdienen. De UCO-groep in de textielindustrie kwam de West-Vlamingen er gewoon uitvissen.

Meer nieuws uit

Nieuwsbrief

Ontvang dagelijks twee updates in uw mailbox met het belangrijkste nieuws uit West-Vlaanderen, aangeboden door de redactie van KW!