Vetsmelters Verkest burgerlijke partij in rechtszaak tegen De Brabander uit Roeselare

30/05/17 om 17:01 - Bijgewerkt om 17:00

Voor de Gentse correctionele rechtbank start woensdag een proces wegens schriftvervalsing tegen veevoederfabrikant De Brabander uit Roeselare, dat achttien jaar na datum de dioxinecrisis weer oprakelt.

Vetsmelters Verkest burgerlijke partij in rechtszaak tegen De Brabander uit Roeselare

Vetsmelter Verkest moest van de rechtbank een miljoen euro schadevergoeding betalen aan De Brabander voor het leveren van met dioxines gecontamineerd vet, maar dat laatste bedrijf zou valse creditnota's opgesteld hebben. Jan en Lucien Verkest hebben zich burgerlijke partij gesteld en eisen op hun beurt een schadevergoeding.

De dioxinecrisis barstte in 1999 los, nadat dioxines in de voedselketen terecht waren gekomen. Uit onderzoek bleek dat de besmetting haar oorsprong vond bij het bedrijf Verkest in Deinze en bij het Waalse Fogra. Het bedrijf Fogra leverde met giftige pcb's (polychloorbifenyl) besmette vetstoffen aan vetsmelter Verkest, die het aan de veevoederbedrijven verdeelde. De Verkests leverden zogezegd gesmolten dierlijk vet aan meng- en veevoederfabrikanten, terwijl het om een mengsel van dierlijk en technisch vet ging. De dioxinecrisis leidde tot het ontslag van minister van Landbouw Karel Pinxten en minister van Volksgezondheid Marcel Colla.

Jan en Lucien Verkest werden later schuldig bevonden aan valsheid in geschrifte, gebruik van valse stukken en bedrog in koopwaar. Het hof van beroep in Gent veroordeelde hen in 2011 tot twee jaar celstraf, waarvan de helft met uitstel. In eerste aanleg hadden vader en zoon Verkest een lichtere straf gekregen, namelijk twee jaar cel volledig met uitstel. Jacques en Jacqueline Thill van het Waalse Fogra, in eerste aanleg veroordeeld tot elk een jaar cel met uitstel, kregen in beroep alleen een geldboete opgelegd.

Op burgerlijk gebied deed de Gentse correctionele rechtbank in 2013 uitspraak. De rechtbank had Verkest veroordeeld tot het betalen van meer dan een miljoen euro aan schadevergoedingen voor benadeelden van de dioxinecrisis. De Brabander Voeders kreeg toen 1.008.000 euro toegekend, omdat ze het met dioxines gecontamineerd vet geleverd kregen. Hans Rieder, de advocaat van vader en zoon Verkest, had echter een klacht ingediend wegens schriftvervalsing tegen De Brabander.

Het bedrijf uit Roeselare moet zich nu verantwoorden voor valsheid in geschrifte en gebruik van valse stukken, omdat het valse creditnota's aan klanten zou hebben opgesteld en die voorgelegd zou hebben op de griffie van de rechtbank van eerste aanleg in Gent. De zaak wordt woensdag ingeleid voor de Gentse correctionele rechtbank. Jan en Lucien Verkest zijn burgerlijke partij en eisen een schadevergoeding.

Het is niet duidelijk welk bedrag aan schadevergoedingen Verkest heeft uitbetaald voor de dioxinecrisis. De Belgische Staat had in 2013 een bedrag van 236.291.451,53 euro geëist en het Vlaamse gewest 149.241.000 euro, maar daarover was er nog geen definitieve gerechtelijke uitspraak.

(BELGA)

Meer nieuws uit

Nieuwsbrief

Ontvang dagelijks twee updates in uw mailbox met het belangrijkste nieuws uit West-Vlaanderen, aangeboden door de redactie van KW!